Hulp of verstikking: wanneer gaat goede bedoeling te ver?
Herman probeert zijn beste vriend uit een diepe depressie te trekken, maar zijn goede bedoelingen slaan om in een verstikkende controle. Nu hij voor de keuze staat om de grenzen van zijn vriend te respecteren of hem met harde hand te redden, vraagt hij zich af: is het ware vriendschap om iemand los te laten, of juist om de vijand te worden om hem te redden?